25/03/2021

Van nevenstroom naar commerciële meerwaarde

TEKST: ELISE NOYEZ

FOTO’S: AVECOM / INE DEHANDSCHUTTER

In de nevenstromen van de voedingsindustrie zit nog heel wat potentieel. Processtromen die vandaag als afvalwater behandeld en vervolgens geloosd worden, kunnen mits de juiste verwerking immers nuttige eiwitten of zelfs complexere grondstoffen opleveren. Mogelijke toepassingen daarvoor zijn er voldoende, net als, bijgevolg, marktwaarde.

Als spin-out van de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent, exploreert Avecom al meer dan 25 jaar de brede toepassingsmogelijkheden van microbiologische processen. “Met microbiële processen zoals fermentatie kunnen we heel wat als dusdanig beschouwde rest- of nevenstromen valoriseren”, stelt Business Development Manager Stijn Boeren. “Vooral in de voedingsindustrie zien we veel stromen die zo potentieel waardevolle producten kunnen opleveren, met als meest gekende wellicht de zetmeelrijke processtromen van de aardappelverwerkende industrie, die we gebruiken om microbiële eiwitten te maken. Het feit dat de nevenstromen in de voedingsindustrie vanwege de hoge hygiënische eisen in de sector relatief zuiver zijn, betekent bovendien dat de kans op een waardevol eindproduct groot is.”

Niet zomaar “voor de wetenschap”

De aanpak van Avecom berust op praktisch en stapsgewijs onderzoek, waarbij de toegepaste microbiële processen volledig op maat van de stroom en toepassing gestuurd worden. “We blijven evenwel niet op laboschaal hangen. Naast de technische haalbaarheid onderzoeken we telkens ook het economisch potentieel van de processen, en indien interessant bouwen we ze verder uit tot piloot-, demo- en uiteindelijk industriële schaal.”

De eerste commerciële productiefaciliteit staat vandaag dan ook in de steigers. In samenwerking met industriële partners Agristo en Clarebout zal Avecom de processtromen van de aardappelverwerkende industrie onder de naam VALPROMIC opwerken tot microbiële eiwitten voor toepassing in diervoeders. De recent verworven FCA-erkenning verzekert dat het bedrijf de producten op een waardevolle manier kan vermarkten. “Dankzij onze ervaring met het erkenningstraject kunnen we bovendien ook onze industriële partners en installaties richting een commerciële toepassing begeleiden.”

Complexere nevenstromen

Het mogelijke toepassingsveld van de bekomen producten is in ieder geval breed genoeg. “Eiwitten zijn het meest voor de hand liggend, met mogelijke toepassingen in diervoeders maar bijvoorbeeld ook, zoals we momenteel met Flanders Food en Clarys Food Ingredients onderzoeken, in menselijke voeding. Daarnaast kijken we onder meer richting organische meststoffen, ingrediënten voor de ontwikkeling van bioplastics en biologisch gevormde pigmenten.”

Zelfs meer complexe nevenstromen rijk aan bijvoorbeeld zout kunnen met aangepaste microbiële processen tot een positieve businesscase leiden. “Dergelijke stromen vergen doorgaans een intensiever traject met, kwantitatief gesproken, weliswaar een kleinere opbrengst, maar de geproduceerde producten zijn mogelijk wel kostbaarder. Naar die meerwaarde gaan wij telkens op zoek.”

“Dankzij onze FCA-erkenning kunnen we producten op een waardevolle manier vermarkten.”

(Stijn Boeren, Business Development Manager Avecom)

TEKST: ELISE NOYEZ

FOTO’S: AVECOM / INE DEHANDSCHUTTER

Van nevenstroom naar commerciële meerwaarde

In de nevenstromen van de voedingsindustrie zit nog heel wat potentieel. Processtromen die vandaag als afvalwater behandeld en vervolgens geloosd worden, kunnen mits de juiste verwerking immers nuttige eiwitten of zelfs complexere grondstoffen opleveren. Mogelijke toepassingen daarvoor zijn er voldoende, net als, bijgevolg, marktwaarde.

Als spin-out van de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent, exploreert Avecom al meer dan 25 jaar de brede toepassingsmogelijkheden van microbiologische processen. “Met microbiële processen zoals fermentatie kunnen we heel wat als dusdanig beschouwde rest- of nevenstromen valoriseren”, stelt Business Development Manager Stijn Boeren. “Vooral in de voedingsindustrie zien we veel stromen die zo potentieel waardevolle producten kunnen opleveren, met als meest gekende wellicht de zetmeelrijke processtromen van de aardappelverwerkende industrie, die we gebruiken om microbiële eiwitten te maken. Het feit dat de nevenstromen in de voedingsindustrie vanwege de hoge hygiënische eisen in de sector relatief zuiver zijn, betekent bovendien dat de kans op een waardevol eindproduct groot is.”

Niet zomaar “voor de wetenschap”

De aanpak van Avecom berust op praktisch en stapsgewijs onderzoek, waarbij de toegepaste microbiële processen volledig op maat van de stroom en toepassing gestuurd worden. “We blijven evenwel niet op laboschaal hangen. Naast de technische haalbaarheid onderzoeken we telkens ook het economisch potentieel van de processen, en indien interessant bouwen we ze verder uit tot piloot-, demo- en uiteindelijk industriële schaal.”

De eerste commerciële productiefaciliteit staat vandaag dan ook in de steigers. In samenwerking met industriële partners Agristo en Clarebout zal Avecom de processtromen van de aardappelverwerkende industrie onder de naam VALPROMIC opwerken tot microbiële eiwitten voor toepassing in diervoeders. De recent verworven FCA-erkenning verzekert dat het bedrijf de producten op een waardevolle manier kan vermarkten. “Dankzij onze ervaring met het erkenningstraject kunnen we bovendien ook onze industriële partners en installaties richting een commerciële toepassing begeleiden.”

Complexere nevenstromen

Het mogelijke toepassingsveld van de bekomen producten is in ieder geval breed genoeg. “Eiwitten zijn het meest voor de hand liggend, met mogelijke toepassingen in diervoeders maar bijvoorbeeld ook, zoals we momenteel met Flanders Food en Clarys Food Ingredients onderzoeken, in menselijke voeding. Daarnaast kijken we onder meer richting organische meststoffen, ingrediënten voor de ontwikkeling van bioplastics en biologisch gevormde pigmenten.”

Zelfs meer complexe nevenstromen rijk aan bijvoorbeeld zout kunnen met aangepaste microbiële processen tot een positieve businesscase leiden. “Dergelijke stromen vergen doorgaans een intensiever traject met, kwantitatief gesproken, weliswaar een kleinere opbrengst, maar de geproduceerde producten zijn mogelijk wel kostbaarder. Naar die meerwaarde gaan wij telkens op zoek.”

“Dankzij onze FCA-erkenning kunnen we producten op een waardevolle manier vermarkten.”

(Stijn Boeren, Business Development Manager Avecom)