Van mest tot irrigatiewater
Van mest tot irrigatiewater
De waterige reststroom van klassieke mestverwerkingsinstallaties wordt al lange tijd gebruikt voor het sproeien van onder meer akkerlanden. Echter, deze reststroom bevat hoge zoutconcentraties en valt juridisch gezien nog steeds onder het mestdecreet. Om de verzilting van de bodem tegen te gaan, is het gebruik ervan met andere woorden beperkt. Een gepatenteerde technologie van Aaqua brengt daar verandering in.
Het begon met de call Proeftuinen Droogte. Landbouwfamilie Verhelst uit Langemark diende een project in voor de uitbouw van een vooruitstrevende mestverwerkingsinstallatie en nam op basis van eerdere samenwerkingen ook Aaqua mee in het traject.
“Traditioneel verloopt het mestverwerkingsproces in drie stappen,” vertelt CEO Rob Van den Broeck: “de dunne en dikke fractie van de ruwe mest worden in een centrifuge gescheiden, de dunne fractie gaat naar een biologische zuivering waar bacteriën het water zuiveren en tot slot laat men het slib bezinken. Dat leidt tot relatief helder water, zij het met een hoge zoutbelasting. Onze opdracht was om die zouten in een volgende stap te verwijderen, opdat het permeaat als volwaardig irrigatiewater – en dus niet langer als mest – hergebruikt kon worden.”
70% recuperatie
Halverwege 2020 plaatste Aaqua een pilootinstallatie van 5 m3/u. Zes maanden later werd ze opgeschaald tot een industriële installatie met een verwerkingscapaciteit van 90.000 ton mest per jaar of 10 m3 permeaat per uur.
“We maken gebruik van ultrafiltratie, gevolgd door omgekeerde osmose. Dat laatste gebeurt in twee trappen, waarbij het concentraat van de eerste trap als voeding dient voor de tweede. Zo recupereren we 70% van de dunne fractie als irrigatiewater. De kwaliteit van dat water is erg constant en voldoet op quasi alle parameters aan de drinkwaternorm. Voornamelijk de stikstofconcentratie ligt nog te hoog om als drinkwater door het leven te gaan, maar het water is wel perfect geschikt voor serristen, tomatenkwekers en andere landbouwtoepassingen.”
Hoge graad van bescherming
De hoge zoutbelasting vergde een bijzondere matrix van de RO, maar dat was volgens Van den Broeck niet de grootste uitdaging. “Zo’n zaken kan je perfect simuleren. Dat ligt anders als je het hebt over de vele organische componenten en bijvoorbeeld vezels, varkensharen en stukjes plastic die nog in het influent aanwezig zijn. Zij zorgen voor een zware belasting van de UF-membranen en kunnen dus nefast zijn voor de levensduur en exploitatiekosten.”
Zowel in de piloot als in de finale installatie werd bijzondere aandacht besteed aan de bescherming van de membranen. “Niet alleen werden ze droog opgesteld, maar we ontwikkelden bovenal een aangepaste en gepatenteerde sturing om verstopping tegen te gaan. Ook de kleppen en kranen op de RO zijn volledig geautomatiseerd, zodat het systeem zich vlot aan wisselingen in zoutbelasting en druk aanpast én we alles vanop afstand kunnen monitoren en bijstellen.”
Nog meer hergebruik
Via een toekomstig leidingnetwerk zullen verschillende lokale landbouwbedrijven binnenkort gebruikmaken van het permeaatwater. In een volgende fase onderzoeken andere projectpartners hoe de aanwezige nutriënten in de concentraatstromen – de overige 30% – verder gescheiden kunnen worden, opdat zij gericht als meststoffen ingezet en gevaloriseerd kunnen worden.
De pilootinstallatie van Aaqua, op zijn beurt, verhuist regelmatig naar andere projecten, waar de technologie met succes wordt ingezet voor onder meer hergebruik van afvalwater als water van drinkwaterkwaliteit.
TEKST: ELISE NOYEZ
BEELD: AAQUA


