05/06/2026

Integrale duurzaamheid op het bedrijventerrein begint vandaag

Veelal worden acties ondernomen op een bedrijventerrein vanuit een bepaalde problematiek, maar hoe verhoudt deze problematiek of thema zich tot andere thema’s. Welke keuzes zijn écht slim zonder lock-ins te creëren die vasthouden aan weinig doordachte kortetermijnoplossingen. De nood aan een integrale kijk groeit. Bedrijventerreinen zijn complexe ecosystemen waar mobiliteit, ruimtegebruik, water, energie, materialen, circulariteit en andere thema’s nauw met elkaar verweven zijn. Een versnipperde aanpak volstaat niet langer. Vandaar hebben partners VIL, UAntwerpen en VITO een aanpak ontwikkeld en uitgetest om integrale duurzaamheid op het bedrijventerrein te realiseren.

vito
DuLoTe projectgroep vlnr: Francesca Vanoverberghe (VITO), Dirk Lauwers (UAntwerpen), Jana Deforche (UAntwerpen), Sven Geysels (VIL), Dirk Van de Poel (VIL/VITO), Steven Claes (VITO), Carolin Spirinckx (VITO), Veerle Depuydt (VITO), Guy Vloebergh (UAntwerpen), Julie Stuer (VIL).

Van individuele optimalisatie naar samenwerking

Vandaag zoeken bedrijven vaak oplossingen binnen hun eigen werking. Tegelijk botsen ze steeds vaker op grenzen zoals beschikbare ruimte, water, energie, materialen, circulariteit, mobiliteit en maatschappelijke verwachtingen. Die uitdagingen staan bovendien niet op zichzelf, maar maken deel uit van een bredere transitie die economie en industrie grondig verandert.
De vaststelling is dat verdere optimalisatie binnen het bestaande model niet volstaat. Bedrijven en bedrijventerreinen moeten zich proactief heruitvinden, met meer aandacht voor samenwerking, efficiënt gebruik van middelen en het lokaal sluiten van kringlopen.

“Bedrijven moeten vandaag anders kijken naar waardecreatie”

Een belangrijke conclusie is dat het klassieke lineaire model van produceren en weggooien zijn limieten heeft bereikt. “Bedrijven moeten zich vandaag anders organiseren om toekomstbestendig te blijven. Schaarste, klimaatdruk en geopolitieke verschuivingen dwingen tot nieuwe keuzes. Door in te zetten op circulaire economie, technologische innovatie en digitalisering kunnen ze waarde behouden, kringlopen sluiten en efficiënter werken.”, zegt Julie Stuer, projectleider bij het VIL.

Het afwegingskader als ondersteunende tool voor integrale duurzaamheid

Binnen het VLAIO-project Duurzame Logistieke Bedrijventerreinen (DuLoTe) is op basis van een aantal werksessies met experten gewerkt rond toekomstscenario’s, die zijn vastgelegd in een visie anno 2070 waarop we ons vandaag kunnen oriënteren.
Verder bouwend op deze visie is een aanpak ontwikkeld om integrale duurzaamheid op bedrijventerreinen te realiseren. Via een aantal workshops, waarin een geïntegreerd afwegingskader met duurzaamheidsrichtlijnen als centrale tool wordt ingezet, werken deelnemers toe naar een concreet actieplan.
Het geïntegreerde afwegingskader omvat 25 duurzaamheidsrichtlijnen, die organisaties ondersteunen bij strategische investeringskeuzes. Daarbij ligt de nadruk op het identificeren van synergiën tussen verschillende thema’s en maatregelen, zodat duurzame ingrepen elkaar maximaal versterken.

vito
Stappenplan voor het toepassen van het geïntegreerd afwegingskader met duurzaamheidsrichtlijnen

Het geïntegreerd afwegingskader met duurzaamheidsrichtlijnen werd aan de hand van use cases aan de praktijk getoetst. Via een reeks workshops met relevante stakeholders van verschillende bedrijventerreinen werd deze tool uitgewerkt en waar nodig bijgestuurd. De ontwikkelde aanpak is uitgetest op drie bedrijventerreinen (Hazeldonk-Meer, LAR in Menen en Keiberg-Vossem), die als use cases dienden voor de verdere verfijning van de methodiek.
Bij de uitwerking van de cases werden verschillende partijen van de doelgroep betrokken: lokale besturen, POM’s, intercommunales, nutsbedrijven (water, energie, …) en andere relevante en betrokken bedrijven en partijen, waarbij het samenbrengen van deze verschillende actoren binnen de waardeketen van het bedrijventerrein cruciaal is om geplande, lopende of gewenste initiatieven effectief te realiseren.

De doelstelling per workshop:

  • Workshop 1: Opbouwen van een gedeeld inzicht in de huidige situatie van het bedrijventerrein en het gezamenlijk onderkennen van de urgentie tot verandering.
  • Workshop 2: Selecteren van relevante thema’s en leidende principes die aansluiten bij het gewenste toekomstbeeld, om zo een duidelijke richting voor de transitie te bepalen
  • Workshop 3: Toetsen van het geïntegreerde afwegingskader, waarbij invloedssferen en raakvlakken worden geïdentificeerd op basis van de geselecteerde thema’s en leidende principes, om het stappenplan en toekomstige acties te optimaliseren.

Bedrijventerrein Hazeldonk-Meer als use-case

Het bedrijventerrein Hazeldonk-Meer is een grensoverschrijdende logistieke en economische zone op de Belgisch-Nederlandse grens. Het gebied wordt gekenmerkt door een hoge concentratie logistieke activiteiten, tankstations en het ermee gepaard gaande tanktoerisme, een sterke internationale verwevenheid en een complexe eigendoms- en governance-structuur, waarbij grondeigendom, gebouwgebruik en beheer vaak gescheiden zijn. De case illustreert de structurele uitdagingen waarmee bestaande bedrijventerreinen geconfronteerd worden, waaronder beperkte organisatiegraad, versnipperd eigenaarschap (o.a. banken en investeerders) en een gebrek aan bindende instrumenten voor collectieve acties. Deze context bemoeilijkt de implementatie van collectieve duurzaamheidsmaatregelen op het vlak van energie, waterbeheer, mobiliteit, klimaatadaptatie, veiligheid en netheid.
Bij dit bedrijventerrein is water één van de thema’s met heel wat uitdagingen. Tegelijk biedt dit thema een belangrijke hefboom om stakeholders te motiveren om na te denken over collectieve maatregelen en om verschillende duurzaamheidsthema’s met elkaar te verbinden tot geïntegreerde en toekomstgerichte oplossingen.
Zo kampt het bedrijventerrein met een aanzienlijke water- en rioleringsproblematiek, voornamelijk veroorzaakt door een verouderd leiding- en rioleringsnet. De riolering ligt ondiep en is door intensief gebruik aan het einde van haar levensduur, wat zich uit in zinkgaten en een dringende nood aan vernieuwing van de wegenis.
De invoering van de Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening Hemelwater (oktober 2023) legt bijkomende druk op het gebied. Infiltratie en buffering op eigen terrein vereisen heel wat ruimte-inname, wat gezien de sterke verharding en het gebrek aan vrije ruimte nauwelijks haalbaar is. Een collectieve aanpak o.a. buffering kan gezien de problematiek hier mogelijk een oplossing bieden.
Een uitwisseling van water met de landbouw kan kansen bieden, maar vormt tegelijk ook uitdagingen, gezien het gebrek aan ruimte, aanwezigheid van grootschalige verkeersinfrastructuur zoals de snelweg en de HST-lijn en de invloed van hoogteverschillen.
Een integrale kijk dringt zich op. Dat werd eveneens bevestigd tijdens de eerste workshop, waar de noodzaak van een transitie en de sterke verwevenheid met andere thema’s zoals energie, mobiliteit en ruimtegebruik duidelijk naar voren kwamen.
Tijdens een tweede workshop werden met stakeholders de principes bepaald die voor hen leidend zijn om het bedrijventerrein te verduurzamen.

De gekozen leidende principes richting een duurzaam bedrijventerrein Hazeldonk-Meer:

  • Zelfvoorzienend bedrijventerrein is de norm.
  • Landschap en ondergrond zijn leidend bij de inrichting en lokalisatie van bedrijventerreinen als aanvulling op de ruimtelijke ruggengraat.
  • De Vlaamse ruimtelijke ruggengraat bepaalt de inbedding van de economische activiteit.

Aan elk van de leidende principes zijn duurzaamheidsrichtlijnen gekoppeld als houvast bij het maken van bepaalde beslissingen rond een bepaalde investering. Zo wordt zicht gekregen op welke aspecten van het bedrijventerrein worden beïnvloed door hetgeen waarin zal worden geïnvesteerd.
Tijdens de derde workshop werden de relevante richtlijnen en invloedsvelden uit het geïntegreerd afwegingskader verder toegelicht en mogelijke toepassingen besproken.

vito
Relevante richtlijnen en invloedsvelden

Vanuit de waterproblematiek en het leidend principe dat een zelfvoorzienend bedrijventerrein de norm moet zijn, kwamen tijdens het traject kansen naar voren die verdere verkenning verdienen. Eén ervan is de energietransitie en meer bepaald de evolutie van tankstations richting elektrificatie. Dit zal ertoe leiden dat tankstations en tankhouders zich in de toekomst anders zullen organiseren.
Deze transitie kan opportuniteiten creëren voor het waterbeheer op het bedrijventerrein. Zo rijst de vraag hoe de ondergrondse ruimte die vrijkomt door het verdwijnen of herbestemmen van brandstoftanks in de toekomst nuttig kan worden ingezet. Een mogelijke piste is het aanwenden van deze ruimte voor collectieve wateropslag, buffering of hergebruik van hemelwater. Op die manier kan de energietransitie gekoppeld worden aan de wateropgave en kan een meervoudig ruimtegebruik ontstaan binnen een sterk verharde omgeving waar bovengrondse ruimte schaars is. Deze maar ook andere pistes dienen verder met alle betrokken stakeholders te worden verkend. Het kijken naar collectieve systemen en het nastreven van een integrale aanpak kan ook een positieve impact op het businessmodel realiseren.
Er kan worden besloten dat het proces werd gesmaakt, maar er nu vooral behoefte is aan een actor die het proces verder coördineert en ervoor zorgt dat de opgebouwde inzichten en ambities daadwerkelijk vertaald worden naar concrete realisaties op korte (2035), middellange (2045) en lange termijn (2070).

Door Veerle Depuydt - beelden: VITO

Interesse in deze aanpak? Klik hier >