26/03/2021

Inopsys krijgt extra steun voor bouw nieuwe zuiveringsinstallaties

Inopsys heeft 5,2 miljoen euro vers kapitaal opgehaald om nieuwe zuiveringsinstallaties te bouwen bij chemie- en farmabedrijven. Hiermee kan het water geloosd worden op het oppervlaktewater of hergebruikt worden als proceswater. De Vlaamse scale-up heeft ook technieken ontwikkelt om waardevolle stoffen uit het afvalwater te halen, zoals palladium. En ze hebben plannen om uit te breiden naar heel Europa.

Inopsys, spin-off van de KU Leuven, ontwikkelt technologieën om waterstromen van farma- en chemiebedrijven te zuiveren. Met hun installaties pakken ze deze nevenstromen- en afvalstromenproblemen aan. Die stromen kunnen medicijnresten bevatten. “De problemen die zich in de water- en nevenstromen stellen, zijn er via de chemie en de farma in gekomen”, zegt Steven De Laet, CEO van Inopsys. “Dat gaat over toxische en organische componenten.” Inopsys gaat zich nog meer focussen op micropolluenten, zoals de endocrine disruptors, de hormoonverstorende elementen, de micropolluenten en de per- en polyfluorverbindingen (PFAS). “Een nieuw type van dergelijke componenten is de GenX-component”, zegt De Laet. “Dat zijn micropolluenten die zeer resistent zijn en gekend zijn als hormoonverstorend. Ze kunnen aanleiding geven tot lichamelijke afwijkingen, ziektes en kanker.” Volgens De Laet hebben klassieke waterzuiveraars hun tanden al tevergeefs stuk gebeten op deze complexe, toxische en zwaar beladen stromen en mengsels. “Die stromen zijn niet makkelijk te zuiveren”, zegt Steven De Laet. “We kunnen die complexe stromen niet aanpakken met de klassieke fysico-chemische waterzuiveringstechnieken die we – met alle respect – op de meer eenvoudige situaties toepassen. Het gaat om bijvoorbeeld actief kool, membranen, flotatie en biologische waterzuivering. De technologieën vinden we an sich wel zeer boeiend. Maar we vetrekken nooit van de technologie op zich maar van de problemen van de klant. We vertrekken van de uitdaging, de lozingsnorm en de recuperatie die de klant wil bewerkstelligen.”

Waterfabriekjes

Hoe pakt Inopsys de ingewikkelde stromen dan wél aan? Het bedrijf bouwt bij zijn klanten ‘waterfabriekjes’, in zeecontainers. “Onze waterzuiveringsinstallaties zijn zoals mobiele productie-installaties”, zegt Steven De Laet. “Het zijn chemische fabriekjes waar vaak ook een chemische synthesestap inzit en een aantal zuiveringstechnieken. Het is een waterzuiverings- of een nevenstroombehandelingsinstallatie. De kunst is om een paar technologieën te gaan combineren. We hebben nu een portfolio ontwikkeld van zes probleemstellingen die we kunnen oplossen met een bepaalde installatie.” Voor de waterzuivering gebruikt Inopsys puur chemische en productie-chemische technieken. “We gebruiken solventextractie, wat ook in de productie-omgevingen wordt gebruikt”, zegt De Laet. “Er zijn al heel wat technologieën waar we fan van zijn, zoals advanced oxidation processes (AOP). Daarbinnen heb je een groep van technieken, zoals phantom, ozon, UV, ijzer- en waterstofperoxide. Daarmee kan je een oxidatie doorvoeren. We bekijken ook elektro-chemische processen gebaseerd op elektrodes. Dat is een van de belangrijkere technieken om organica te verwijderen, zoals micropolluenten, actieve farmaceutica of toxische organica. Daar kunnen we heel goed mee werken.”

Geen water meer verbranden

Inopsys maakt het water zo zuiver dat het weer kan geloosd worden op het oppervlaktewater. Het bedrijf werkt ook nieuwe projecten uit om het water in de fabriek te hergebruiken. “Met een eenvoudige membraanstap erbij kunnen we er proceswater van maken”, zegt De Laet. “Zo kunnen we de kring sluiten en moet er geen water meer de fabriek verlaten. Het water opzuiveren tot drinkwater is nog een stap te ver. Met de ontwikkelde modules willen we verder gaan en ze kopiëren om gelijkaardige problemen op te lossen.” Het voordeel is dat er geen water meer verbrand moet worden. Nochtans is dat in Europa dagelijks praktijk. Water uit de chemie- en farma-industrie wordt vaak verbrand in verbrandingsovens. Ze worden met grote vrachtwagens daar naartoe gebracht. “In Vlaanderen is er 120.000 ton verbrandingscapaciteit voor vloeibare stromen”, stelt De Laet. “Het gaat vaak om water waar maar 1 procent of zelfs minder verontreinigde component inzit. Dankzij ons project moet er dus geen water meer afgevoerd worden naar verbrandingsovens. We zullen maar liefst 60 miljoen liter per jaar water van de verbrandingsoven redden. Dat is gelijk aan het waterverbruik van ongeveer 500 gezinnen. Dankzij dit project helpen we bedrijven in de chemie en farma-industrie met hun duurzaamheidsverhaal. Zo is er minder CO2-uitstoot en gaat er minder water verloren. Dat betekent ook een kostenreductie.”

Recuperatie van grondstoffen

De fabriekjes van Inopsys kunnen ook grondstoffen verwijderen en recupereren. “In de farma gaat het over actieve farmaceutische ingrediënten alsook over metalen, solventen en detergenten”, zegt De Laet.

“Qua metalen denken we aan zink, palladium, platina, molybdeen, vanadium. Veel bedrijven worstelen met dat probleem. Er zijn een drietal projecten in opstart. Twee projecten hebben betrekking tot het recycleren van palladium, dat ook gebruikt wordt in onder meer autokatalysatoren. Daarenboven gaan we waardevolle elementen, zoals katalisatoren en solventen, recupereren. Die grondstoffen worden uiteindelijk door een andere partner gerecupereerd.” Inopsys begeleidt bedrijven stap voor stap. “We beginnen aan de rand van de organisatie”, zegt De Laet. “Onze container staat buiten, maar als het vertrouwen groeit werken we niet meer decentraal maar net dichter bij de klant. Zo worden we ook langzaamaan deel van de productie. Eenmaal het vertrouwen groeit, werken we in het hart van de productie. Klanten laten ons toe om dicht in de productie ook onze units te gaan opstellen.” De installaties worden veelal vanop afstand gemonitord.

Service

De installaties van Inopsys moeten overigens niet aangekocht worden. Er wordt enkel betaald voor de service: voor het aantal kubieke meter water dat gezuiverd wordt. “Wij doen de investering en ontwikkeling”, zegt De Laet. “En het bedrijf betaalt voor het aantal kubieke meter water dat behandeld is. Businessmodellen van bedrijven zijn hier niet altijd op afgestemd, men is ook niet altijd bereid om via een ander model te werken. Men zal zelf een installatie proberen uitwerken maar behaalt daarmee niet altijd de gewenste resultaten. De core business van onze klanten ligt natuurlijk ook elders, daarom dat wij de klant hier gaan ontzorgen en de volledige uitbouw van een duurzame oplossing op ons nemen. Ondanks het feit dat de waterwereld vrij conservatief is gaan wij innovatief te werk door oplossingen af te stemmen op de specifieke uitdagingen van vandaag en morgen. Vaak wordt er onterecht gedacht door de bedrijven dat er geen technologie of oplossing voor hun probleem bestaat, terwijl wij dit vanuit een ander perspectief bekijken en net wél innovatieve oplossingen hebben. Door dergelijke installatie te plaatsen, kan de klant nochtans drie keer winnen. Op het vlak van duurzaamheid, door de recuperatie van zowel water als waardevolle componenten en er worden bovendien kosten gereduceerd.”

Buitenland

Inopsys is klaar voor een internationale expansie. Het bedrijf lonkt nadrukkelijk naar Europa om klanten te lokken, onder meer in Zwitserland. In elk land plant Inopsys en eigen netwerk van kantoren, om snel ter plaatse bij te klant te kunnen zijn voor onderhoud van de installaties bijvoorbeeld. “De bedoeling is om nu in heel Europa voet aan de grond te zetten bij farma- en chemiebedrijven”, zegt Steven De Laet. “En daar de ontwikkelde modules te gaan inzetten. We werken in de eerste plaats voor mutlinationals. Zij dwingen ons om ook uit te kijken naar andere vestigingen. Het is een uitdaging, want elk land heeft een andere regelgeving. Waterkwaliteit is de laatste jaren een belangrijk thema geworden. Het is een sexy, belangrijk en strategisch thema. Dat komt ook door de vlamvertragende elementen die zeer resistent zijn en overal in het oppervlaktewater naar boven komen. Europa is een strategisch plan aan het ontwikkelen om die zaken weg te krijgen.” Inopsys plaatste hun eerste installatie bij Janssen Pharmaceutica. “Bij Janssen hebben we meerdere technologieën staan”, zegt De Laet. “We behandelen er drie afval of nevenstromen. Jaarlijks wordt er bij Janssen 40 tot 80 ton zink uit het afvalwater gehaald.” De samenwerking met Jansen betekende voor Inopsys ook de grote doorbraak. Toen telde het bedrijf twee medewerkers. Vandaag zijn dat er al 14.

“We kunnen deze complexe stromen niet aanpakken met de klassieke fysico-chemische waterzuiveringstechnieken”,

zegt Steven De Laet.

“Onze waterzuiveringsinstallaties zijn zoals mobiele productie-installaties”,

zegt Steven De Laet.

Inopsys krijgt extra steun voor bouw nieuwe zuiveringsinstallaties

Inopsys heeft 5,2 miljoen euro vers kapitaal opgehaald om nieuwe zuiveringsinstallaties te bouwen bij chemie- en farmabedrijven. Hiermee kan het water geloosd worden op het oppervlaktewater of hergebruikt worden als proceswater. De Vlaamse scale-up heeft ook technieken ontwikkelt om waardevolle stoffen uit het afvalwater te halen, zoals palladium. En ze hebben plannen om uit te breiden naar heel Europa.

Inopsys, spin-off van de KU Leuven, ontwikkelt technologieën om waterstromen van farma- en chemiebedrijven te zuiveren. Met hun installaties pakken ze deze nevenstromen- en afvalstromenproblemen aan. Die stromen kunnen medicijnresten bevatten. “De problemen die zich in de water- en nevenstromen stellen, zijn er via de chemie en de farma in gekomen”, zegt Steven De Laet, CEO van Inopsys. “Dat gaat over toxische en organische componenten.” Inopsys gaat zich nog meer focussen op micropolluenten, zoals de endocrine disruptors, de hormoonverstorende elementen, de micropolluenten en de per- en polyfluorverbindingen (PFAS). “Een nieuw type van dergelijke componenten is de GenX-component”, zegt De Laet. “Dat zijn micropolluenten die zeer resistent zijn en gekend zijn als hormoonverstorend. Ze kunnen aanleiding geven tot lichamelijke afwijkingen, ziektes en kanker.” Volgens De Laet hebben klassieke waterzuiveraars hun tanden al tevergeefs stuk gebeten op deze complexe, toxische en zwaar beladen stromen en mengsels. “Die stromen zijn niet makkelijk te zuiveren”, zegt Steven De Laet. “We kunnen die complexe stromen niet aanpakken met de klassieke fysico-chemische waterzuiveringstechnieken die we – met alle respect – op de meer eenvoudige situaties toepassen. Het gaat om bijvoorbeeld actief kool, membranen, flotatie en biologische waterzuivering. De technologieën vinden we an sich wel zeer boeiend. Maar we vetrekken nooit van de technologie op zich maar van de problemen van de klant. We vertrekken van de uitdaging, de lozingsnorm en de recuperatie die de klant wil bewerkstelligen.”

Waterfabriekjes

Hoe pakt Inopsys de ingewikkelde stromen dan wél aan? Het bedrijf bouwt bij zijn klanten ‘waterfabriekjes’, in zeecontainers. “Onze waterzuiveringsinstallaties zijn zoals mobiele productie-installaties”, zegt Steven De Laet. “Het zijn chemische fabriekjes waar vaak ook een chemische synthesestap inzit en een aantal zuiveringstechnieken. Het is een waterzuiverings- of een nevenstroombehandelingsinstallatie. De kunst is om een paar technologieën te gaan combineren. We hebben nu een portfolio ontwikkeld van zes probleemstellingen die we kunnen oplossen met een bepaalde installatie.” Voor de waterzuivering gebruikt Inopsys puur chemische en productie-chemische technieken. “We gebruiken solventextractie, wat ook in de productie-omgevingen wordt gebruikt”, zegt De Laet. “Er zijn al heel wat technologieën waar we fan van zijn, zoals advanced oxidation processes (AOP). Daarbinnen heb je een groep van technieken, zoals phantom, ozon, UV, ijzer- en waterstofperoxide. Daarmee kan je een oxidatie doorvoeren. We bekijken ook elektro-chemische processen gebaseerd op elektrodes. Dat is een van de belangrijkere technieken om organica te verwijderen, zoals micropolluenten, actieve farmaceutica of toxische organica. Daar kunnen we heel goed mee werken.”

Geen water meer verbranden

Inopsys maakt het water zo zuiver dat het weer kan geloosd worden op het oppervlaktewater. Het bedrijf werkt ook nieuwe projecten uit om het water in de fabriek te hergebruiken. “Met een eenvoudige membraanstap erbij kunnen we er proceswater van maken”, zegt De Laet. “Zo kunnen we de kring sluiten en moet er geen water meer de fabriek verlaten. Het water opzuiveren tot drinkwater is nog een stap te ver. Met de ontwikkelde modules willen we verder gaan en ze kopiëren om gelijkaardige problemen op te lossen.” Het voordeel is dat er geen water meer verbrand moet worden. Nochtans is dat in Europa dagelijks praktijk. Water uit de chemie- en farma-industrie wordt vaak verbrand in verbrandingsovens. Ze worden met grote vrachtwagens daar naartoe gebracht. “In Vlaanderen is er 120.000 ton verbrandingscapaciteit voor vloeibare stromen”, stelt De Laet. “Het gaat vaak om water waar maar 1 procent of zelfs minder verontreinigde component inzit. Dankzij ons project moet er dus geen water meer afgevoerd worden naar verbrandingsovens. We zullen maar liefst 60 miljoen liter per jaar water van de verbrandingsoven redden. Dat is gelijk aan het waterverbruik van ongeveer 500 gezinnen. Dankzij dit project helpen we bedrijven in de chemie en farma-industrie met hun duurzaamheidsverhaal. Zo is er minder CO2-uitstoot en gaat er minder water verloren. Dat betekent ook een kostenreductie.”

Recuperatie van grondstoffen

De fabriekjes van Inopsys kunnen ook grondstoffen verwijderen en recupereren. “In de farma gaat het over actieve farmaceutische ingrediënten alsook over metalen, solventen en detergenten”, zegt De Laet.

“Qua metalen denken we aan zink, palladium, platina, molybdeen, vanadium. Veel bedrijven worstelen met dat probleem. Er zijn een drietal projecten in opstart. Twee projecten hebben betrekking tot het recycleren van palladium, dat ook gebruikt wordt in onder meer autokatalysatoren. Daarenboven gaan we waardevolle elementen, zoals katalisatoren en solventen, recupereren. Die grondstoffen worden uiteindelijk door een andere partner gerecupereerd.” Inopsys begeleidt bedrijven stap voor stap. “We beginnen aan de rand van de organisatie”, zegt De Laet. “Onze container staat buiten, maar als het vertrouwen groeit werken we niet meer decentraal maar net dichter bij de klant. Zo worden we ook langzaamaan deel van de productie. Eenmaal het vertrouwen groeit, werken we in het hart van de productie. Klanten laten ons toe om dicht in de productie ook onze units te gaan opstellen.” De installaties worden veelal vanop afstand gemonitord.

Service

De installaties van Inopsys moeten overigens niet aangekocht worden. Er wordt enkel betaald voor de service: voor het aantal kubieke meter water dat gezuiverd wordt. “Wij doen de investering en ontwikkeling”, zegt De Laet. “En het bedrijf betaalt voor het aantal kubieke meter water dat behandeld is. Businessmodellen van bedrijven zijn hier niet altijd op afgestemd, men is ook niet altijd bereid om via een ander model te werken. Men zal zelf een installatie proberen uitwerken maar behaalt daarmee niet altijd de gewenste resultaten. De core business van onze klanten ligt natuurlijk ook elders, daarom dat wij de klant hier gaan ontzorgen en de volledige uitbouw van een duurzame oplossing op ons nemen. Ondanks het feit dat de waterwereld vrij conservatief is gaan wij innovatief te werk door oplossingen af te stemmen op de specifieke uitdagingen van vandaag en morgen. Vaak wordt er onterecht gedacht door de bedrijven dat er geen technologie of oplossing voor hun probleem bestaat, terwijl wij dit vanuit een ander perspectief bekijken en net wél innovatieve oplossingen hebben. Door dergelijke installatie te plaatsen, kan de klant nochtans drie keer winnen. Op het vlak van duurzaamheid, door de recuperatie van zowel water als waardevolle componenten en er worden bovendien kosten gereduceerd.”

Buitenland

Inopsys is klaar voor een internationale expansie. Het bedrijf lonkt nadrukkelijk naar Europa om klanten te lokken, onder meer in Zwitserland. In elk land plant Inopsys en eigen netwerk van kantoren, om snel ter plaatse bij te klant te kunnen zijn voor onderhoud van de installaties bijvoorbeeld. “De bedoeling is om nu in heel Europa voet aan de grond te zetten bij farma- en chemiebedrijven”, zegt Steven De Laet. “En daar de ontwikkelde modules te gaan inzetten. We werken in de eerste plaats voor mutlinationals. Zij dwingen ons om ook uit te kijken naar andere vestigingen. Het is een uitdaging, want elk land heeft een andere regelgeving. Waterkwaliteit is de laatste jaren een belangrijk thema geworden. Het is een sexy, belangrijk en strategisch thema. Dat komt ook door de vlamvertragende elementen die zeer resistent zijn en overal in het oppervlaktewater naar boven komen. Europa is een strategisch plan aan het ontwikkelen om die zaken weg te krijgen.” Inopsys plaatste hun eerste installatie bij Janssen Pharmaceutica. “Bij Janssen hebben we meerdere technologieën staan”, zegt De Laet. “We behandelen er drie afval of nevenstromen. Jaarlijks wordt er bij Janssen 40 tot 80 ton zink uit het afvalwater gehaald.” De samenwerking met Jansen betekende voor Inopsys ook de grote doorbraak. Toen telde het bedrijf twee medewerkers. Vandaag zijn dat er al 14.

“We kunnen deze complexe stromen niet aanpakken met de klassieke fysico-chemische waterzuiveringstechnieken”,

zegt Steven De Laet.

“Onze waterzuiveringsinstallaties zijn zoals mobiele productie-installaties”,

zegt Steven De Laet.