Aquatuur onderzoekt en demonstreert natuurgebaseerde oplossingen voor water(kwaliteit)tekorten
Aquatuur onderzoekt en demonstreert natuurgebaseerde oplossingen voor water(kwaliteit)tekorten
De klimaatverandering stelt ons voor nieuwe uitdagingen op vlak van water. We moeten op zoek naar oplossingen om ons watersysteem in zijn geheel klimaatrobuuster te maken. Aquatuur, een Interreg Vlaanderen-Nederland-project, onderzoekt de komende drie jaar hoe we natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen (NGBO’s) kunnen inzetten om die uitdaging aan te pakken. Waterinnovator Simon De Paepe van VITO-Vlakwa geeft duiding over wat er gepland staat.
“Dit project loopt in samenwerking met zowel Vlaamse (VITO-Vlakwa als leadpartner, Inagro, UGent, Vlaamse Landmaatschappij en Vlaamse Milieumaatschappij) als Nederlandse partners (HZ University of Applied Sciences, Provincie Zeeland, gemeentes Noord-Beveland en Schouwen-Duiveland)”, steekt Simon De Paepe van wal. “Vlakwa initieert, faciliteert en coördineert projecten binnen verschillende kaders. Voor Aquatuur kunnen we hiervoor rekenen op EFRO-steun (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, red.) vanuit het Interreg Vlaanderen-Nederland-programma, en op steun van de provincie West-Vlaanderen. Het project is ingediend binnen de pijler ‘groener Europa’ en loopt tot 21 mei 2026”.
Vlakwa besteedde, zoals altijd, veel aandacht aan de voorbereidingsfase van een projectaanvraag . “Samenwerking is uitermate belangrijk, en vergt meerdere partners, die elk hun eigen waarden en behoeften hebben. We moeten leren hoe te bewegen tussen de behoeften van stakeholders en de systeembarrières, en idealiter doen we dit bottom-up. Om zo’n evenwichtsoefening te doen slagen, is het uitermate belangrijk dat je iedereen in een vroeg stadium betrekt en dat je je projectvisie en –doelen aanpast wanneer er nieuwe partners toetreden tot de aanvraag.”
Doelstelling
Aquatuur wil de provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Zeeland klimaatrobuuster maken door de zoetwaterbeschikbaarheid te verhogen via NGBO’s. “Captatieverboden voor landbouwers, natuurgebieden die lijden onder droogte, hoge voedselprijzen… zijn een gevolg van een watertekort en/of een gebrek aan water met de juiste kwaliteit. Oorzaken van die tekorten zijn de klimaatverandering en een hogere druk op het landgebruik. Momenteel voldoet maar 1 op de 195 Vlaamse oppervlaktewaterlichamen aan de kwaliteitsdoelstellingen van de kaderrichtlijnwater die bereikt moet worden in 2027. Door de grote inspanningen van veel partners zien we een verbetering, maar we mogen de aandacht niet laten verslappen, want de klimaatverandering rijdt op sommige vlakken sneller dan wij.”
Kwantiteit
Aquatuur mikt op een drietal projecten voor het verbeteren van de waterkwantiteit. “De provincie Zeeland heeft een heel vlakke horizon, die ze absoluut willen bewaren. Daardoor zijn bufferbekkens er niet altijd ‘te gast’ in het landschap. We zullen de mogelijkheden onderzoeken om die bufferbekkens beter in het landschap te integreren en te vermijden dat ze een gevaar vormen voor de fauna (onderzoek door Inagro). Dat doen we met aandacht voor biodiversiteit, groenblauwe verbindingen, plaagbestrijding en energieproductie.”
Secundo zullen de provincie Zeeland en VITO-Vlakwa wateruitwisseling tussen natuur en landbouw bestuderen, op zoek naar synergieën. “We willen hiervoor het KWR-toetsingskader gebruiken voor een analyse van het Beverhoutsveld (Beernem-Oostkamp) en de Moerbekepolder: hoeveel water is er aanwezig en van welke kwaliteit, wat is de vraag en de kwaliteitseisen, hoe kunnen we dit matchen met de behoeften, rekening houdend met verschillende randvoorwaarden (ecologie, chemie, peilbeheer,…). Het project in het Nederlandse natuurgebied Zwaakse Weel bewijst dat het kan. Daar zijn ze erin geslaagd om zonder natuurschade het peil van een kreek te verhogen en de mogelijkheid te geven aan de nabijgelegen fruittelers om gebruik te maken van dat watersurplus.”
Een derde project behelst kreekruginfiltratie in de gemeente Schouwen-Duiveland. “Kreekruggen zijn oude, met zand gevulde ‘zeegeulen’, die licht verhoogd liggen in het landschap. Doorgaans zijn ze omgeven door veen of kleigrond en daardoor ideaal geschikt voor wateropslag. Tijdens de winter zullen we die kreekruggen voeden met neerslagoverschot uit drainagebuizen, waardoor de zoetwaterlens (die drijft op zoutwater) kan groeien. In de zomer kan die lens dan weer gebruikt worden om hetzelfde drainagesysteem te voeden (sub-irrigatie). Hiervoor wordt een praktijkproef voorzien met 10.000 m³ water per jaar, die een oppervlakte beslaat van 18 ha. Uniek aan dit project is ook dat het om een samenwerkingsverband gaat tussen drie landbouwers.”
Kwaliteit
Daarnaast focust Aquatuur op drie locaties op de verbetering van de oppervlaktewaterkwaliteit. “Ons doel is een alternatieve waterbron te creëren via ‘constructed wetlands’. Bij afloop van het project komt er een praktijkgids voor de opwaardering van oppervlaktewater via constructed wetlands.”
“In de Isabellapolder (Assenede) is het de intentie om via een flexibele proefopstelling te analyseren welk type ‘wetland’ het meest geschikt is om bepaalde polluenten te verwijderen zoals PFAS, microplastics, pesticiden, zware metalen en PAK’s. De opstelling bestaat uit een bezinkingsbekken met drijvende wetlands en vijf soorten constructed wetlands. Op die manier zou er op termijn een oplossing kunnen komen om de grote hoeveelheden oppervlaktewater van deze polders op te waarderen. Vandaag gaan die immers deels verloren in zee. Daarnaast gaan we ook na in welke mate die systemen in staat zijn om broeikasgassen op te slaan.”
Een tweede project gaat over de bouw, monitoring en evaluatie van een constructed wetland in het stroomgebied van de Ringbeek en de Hertsbergebeek in het bekken van de Brugse Polders. “In dit stroomgebied meet de VMM hoge concentraties aan stikstof en fosfor na lange periodes van droogte en daaropvolgende intense zomerse regenbuien. Daarvoor wordt een helofytenfilter gebouwd in Oostkamp om deze eerste ‘flush’ te bypassen in een helofytenveld dat aangelegd wordt op een terrein van 1,5ha. Met Aquatuur gaan we op zoek naar de beste sturing, gebaseerd op AI, real-time monitoring en modellering, om de nutriënten zo goed mogelijk te verwijderen.”
Het derde onderzoek focust op de Kraenepoel in Aalter, een ecologisch hoogwaardige vijver van 20 ha die kampt met verdroging en eutrofiëring. “Op termijn willen we het watervolume hier verhogen door ‘run off’-water van de E40 en afgevangen grondwater uit grachten te voeden richting de Kraenepoel, maar vandaag heeft dat water niet de gewenste kwaliteit. Het water zal afgeleid worden naar een ijzerzandfilter (constructed wetland) voor de verwijdering van fosfor (de limiterende component voor het gewenste oligotroof habitattype). Een verdere zuivering moet gebeuren in de vlakbij gelegen ‘kleine’ Kraenepoel. Aquatuur focust zich hier op de inrichtingsvisie, het technisch ontwerp, het monitoringsplan, de evaluatie en het overleg met alle stakeholders.”
Replicatie
Naast antwoorden op technologische vraagstukken, focust Aquatuur zich ook op niet-technologische barrières zoals institutionele regels, bestaande denkpatronen, de connectie tussen stakeholders en beleidskaders. “Technologie en niet-technologische aspecten moeten hand in hand gaan om onze gezamenlijke wateruitdaging aan te pakken, omdat die in essentie systemisch van aard is ”, besluit Simon De Paepe.
(BVC)


